+
Search

U bent hier

more

Borstkliniek

Algemene nabehandeling

De algemene nabehandeling is noodzakelijk om uitzaaiingen naar andere delen van het lichaam te voorkomen. Of deze behandeling nodig is, hangt af van een aantal risicofactoren: de grootte van de tumor, de differentiatiegraad (agressiviteit van de tumor of de mate waarin de tumor nog op normaal borstklierweefsel gelijkt), het aantal aangetaste okselklieren, de hormonale gevoeligheid van de tumorcellen en de leeftijd van de patiënt. Dit betekent dat meestal pas na de operatie met zekerheid gezegd kan worden welke algemene nabehandeling u best ondergaat. De verschillende specialisten in het multidisciplinaire overleg beslissen welke nabehandeling u zal krijgen en zullen dit een week tot tien dagen na de operatie met u bespreken.Daghospitaal

Chemotherapie
De naam chemotherapie verwijst naar de kuur met geneesmiddelen die kankercellen vernietigen of de groei ervan afremmen. Over het algemeen worden deze medicijnen via een infuus gegeven. Meestal krijgt u daarvoor onder plaatselijke verdoving een poortkatheter. Dit is een onderhuidse katheter die een hele tijd kan blijven zitten en waarlangs de medicatie wordt toegediend. Een poortkatheter plaatst men onder plaatselijke verdoving in de operatiezaal.

Chemotherapie na een operatie is bedoeld om het risico te verkleinen dat de kanker terugkomt (dit noemt men adjuvante chemotherapie). Chemotherapie kan echter ook voor een operatie gegeven worden om het gezwel te verkleinen (dit wordt neoadjuvante chemotherapie genoemd).

Behalve de kankercellen tast chemotherapie ook andere gezonde, snel delende cellen aan (haarcellen, beenmerg en cellen van het maagdarmslijmvlies). Daardoor kunnen er tijdelijk bijwerkingen optreden: haarverlies, vermoeidheid, misselijkheid en braken, verminderde eetlust, ontstoken mond en verhoogde kans op infecties. Ze verschillen van persoon tot persoon en hangen onder andere af van de medicijnen, de hoeveelheid ervan en de behandelingsduur. Na de behandeling verdwijnen de meeste bijwerkingen. Bepaalde neveneffecten kunnen echter langer aanslepen, zoals vermoeidheid, verminderde weerstand,  smaakverandering, doof gevoel in de vingers en concentratiestoornissen. Bij vrouwen die nog niet in de menopauze zijn, wordt de menstruatie tijdens de behandeling soms onregelmatig of blijft ze achterwege. Dat betekent echter niet dat er helemaal geen kans is op zwangerschap. Gebruik daarom best anticonceptiemiddelen, maar geen hormonale contraconceptie. Bij vrouwen boven de 45 blijft de menstruatie vaak definitief achterwege, ook na het einde van de chemotherapie.

Hormonale therapie
De belangrijkste vrouwelijke hormonen zijn oestrogeen en progesteron. De meeste borstkankers (70%) hebben deze hormonen nodig om te groeien en zijn dus hormonaal gevoelig. Op de kankercellen bevinden zich immers eiwitten, de zogenaamde receptoren, waaraan de oestrogenen zich kunnen vasthechten. Tamoxifen® is een product dat sterk gelijkt op oestrogeen en dat zich eveneens aan deze receptoren bindt. In tegenstelling tot oestrogeen, oefent Tamoxifen® echter geen groeibevorderende werking uit op kankercellen. Integendeel, het product blokkeert de groei. Daarnaast zijn er ook nog andere producten (aromatase inhibitoren) die de aanmaak van oestrogenen in het lichaam verminderen. Tijdens de hormonale therapie worden deze producten (antihormonale medicatie) aan patiënten met borstkanker gegeven. Ze blokkeren immers de werking van de natuurlijke hormonen en houden zo de groei van de kankercellen tegen. Indien de kankercellen geen progesteron of oestrogeenreceptoren hebben en dus niet hormonaal gevoelig zijn, heeft deze behandeling weinig zin en wordt ze niet toegepast.