+
Search

U bent hier

more

Fertiliteit

Eerste fertiliteitsraadpleging

Bij de eerste raadpleging maken we een volledig dossier van u en uw partner: het oriënterend fertiliteitsdossier. Tijdens de diagnostische oppuntstelling gaan we uw medische voorgeschiedenis na en informeren we naar eventuele vorige onderzoeken. Daarnaast onderzoeken we in uw bloed de hormonen en infectieziekten zoals rubella, toxoplasma, hepatitis B of C, hiv, syfilis en chlamydia. Zo nodig verrichten we ook een erfelijkheidsonderzoek (karyotype en mucoviscidosedragerschap) op het bloed.

Bij de vrouw is het mogelijk om een foto van de baarmoeder te nemen (hysterosalpingografie) of om een kijkoperatie van de baarmoeder (hysteroscopie) of van de buikholte (laparoscopie) uit te voeren. Ook de kwaliteit van het baarmoederhalsslijm kan nagekeken worden.

Verminderde vruchtbaarheid bij de man is vaak (mee) verantwoordelijk voor het vruchtbaarheidsprobleem. Hiervoor werkt het CRG samen met de diensten urologie en endocrinologie. Het sperma van de man wordt grondig onderzocht op alle mogelijke parameters, waaronder sinds kort de DNA-integriteit via de DNA-fragmentatietest.

Daarnaast onderzoeken we in het bloed de hormonen, infectieziekten en soms ook erfelijkheidsziekten om de oorzaak van het vruchtbaarheidsprobleem te achterhalen. Bij mannen die geen zaadcellen in hun ejaculaat hebben wordt onderzocht of er toch nog productie is in de testikel. In dat geval kunnen we deze onvruchtbare mannen toch helpen met TESE. Indien er een oorzaak wordt gevonden kan een behandeling met medicatie (ontstekingsremmers, antibiotica, hormonen ...) of een operatie (herstel na sterilisatie, wegname van spataders ...) een belangrijke verbetering brengen. Helaas wordt er vaak geen duidelijke oorzaak gevonden. Het is dan doeltreffender de vrouwelijke cyclus te optimaliseren en te volgen via cyclusmonitoring, zodat sperma en eicel samen komen op het juiste tijdstip en in optimale omstandigheden.

We verrichten alle onderzoeken zo snel mogelijk om de oorzaken en de behandelingsmogelijkheden tijdens uw volgende raadpleging te kunnen bespreken. Uw huisarts en/of verwijzende arts wordt op de hoogte gebracht van de resultaten.